19
Meer informatie over plotten en
grafische objecten
In het vorige hoofdstuk werden de basisprincipes besproken van het
plotten van wiskundige functies. In alle voorbeelden werd het plottype
FUNCTION en een beperkt aantal plotparameters gebruikt en
besproken. Dit hoofdstuk gaat verder in op de begrippen die in hoofdstuk
18 werden geintroduceerd. De volgende onderwerpen worden behandeld:
m Opties voor gedetailleerde plotbewerkingen aangeven:
m Een gedeelte van een displaybereik plotten.
m As-labels aangeven die anders zijn dan de onafhankelijke en
afhankelijke variabelen.
m Een andere steekproef-frequentie aangeven.
m Werken met plotcoordinaten.
m De grootte van PICT veranderen.
m Konische, polaire, parametrische,statistische en relationele grafieken
tekenen.
m Programma's en door de gebruiker gedefinieerde functies plotten.
m Plotten met eenheden.
m Het toevoegen van grafische elementen aan PICT.
340
19: Meer informatie over plotten en grafische objecten