Download Print deze pagina

HP 48SX Gebruikershandleiding pagina 385

Deel 1
Verberg thumbnails Zie ook voor 48SX:
Voer de coéfficientmatrix in.
(]) [MATRIX]
2:
[ 13-113]
3 [SPC] 1 [SPC] 2 [ENTER] [V)
1: [[ 3121
1 [5PC) 1 (SPC) 8 G4) (SPC)
[1,8],
1(*/~] [SPC] 2 [SPC] 5 [ENTER]
REE ITEC REET
Deel de vector door de matrix.
[=]
1:
[251]
PHET:]PEOEHYPMATHVECTE]ESE]
De waarden die voldoen aan de vergelijkingen zijn: x = 2,y = Senz = 1.
Complexe matrices
In matrices kunnen alleen reéle of complexe getallen staan; andere
objecttypes zijn niet toegestaan. Een complexe matrix is een vector of een
matrix waar één of meer complexe elementen in staan.
Rekenkundige bewerkingen met complexe matrices
Als één van de argumenten een complexe matrix is, is ook het resultaat
een complexe matrix. Als u bijvoorbeeld een reéle en een complexe
matrix optelt,is het resultaat een complexe matrix.
Extra commando's voor complexe matrices
Met uitzondering van de commando's die afhankelijk zijn van de
coordinaatmodus (V—, —=V2 en —V3) kunnen alle commando's voor het
bewerken van reéle matrices ook gebruikt worden bij complexe matrices.
Daarnaast worden de volgende commando's gebruikt bij complexe
matrices.
Commando's voor het bewerken van complexe matrices
Toetsen
Program-
Beschrijving
meerbaar
commando
+/-
NEG
Geeft een matrix waarin elk element
het tegengestelde is van de
argumentmatrix.
20: Matrices
383
loading