Download Print deze pagina

HP 48SX Gebruikershandleiding pagina 310

Deel 1
Verberg thumbnails Zie ook voor 48SX:
Het PLOTR menu wordt gebruikt om de inhoud van PPAR aan te
geven en de grafiek te tekenen.
In de grafische omgeving kunt u de grafiek bekijken, een gebied van
de grafiek in- en uitzoomen, het wiskundig gedrag van de grafiek
analyseren en grafische elementen toevoegen. In deze omgeving
functioneert de display als een venster waardoor u PICT ziet, en is het
toetsenbord opnieuw gedefinieerd om grafische bewerkingen uit te
voeren. Als de HP 48 een grafick heeft getekend, komt u automatisch
in de grafische omgeving. PICT blijft beschikbaar na het verlaten van
de grafische omgeving — u kunt op elk gewenst moment weer naar
de grafische omgeving gaan om PICTte bekijken.
In de grafische omgeving hebt u geen toegang tot het stapelgeheugen.
De resultaten van functie-analyses in de grafische omgeving worden
echter wel in het stapelgeheugen geplaatst. Bovendien kan PICT
geheel of gedeeltelijk naar het stapelgeheugen gekopieerd worden als
een zogenaamd grafisch object. Met de commando's uit het PRG
DSPL menu werkt u met grafische objecten in het stapelgeheugen en
plaatst u een grafisch object weer terug in PICT.
Over het algemeen gaat u bij het plotten van een vergelijking als volgt te
werk:
1.
308
Gebruik het PLOT menu om de vergelijking op te slaan in EQ en
eventueel het plottype aan te geven.
. Gebruik het PLOTR menu om de geschikte plotparameters in te
stellen.
. Teken de grafiek.
. Als de grafiek getekend is, gebruikt u de bewerkingen in de
grafische omgeving om informatie uit de grafiek te halen of er
grafische elementen aan toe te voegen.
18: Fundamentele plotfuncties en functie-analyse
loading